1970 and Beyond

17 februari 2020

Bij Parts Project vindt dus nu de andere expositie met een Belgische kunstenaar plaats. Het gaat om Werner Cuvelier waarvan ik voorheen nog nooit gehoord heb. Toch heeft hij een behoorlijke carrière waarin hij zelfs in de tachtiger jaren ook in de Haagse galerie Orez Mobiel exposeerde. Het werk dat hij nu in Parts Project laat zien toont dat het werk in die periode van conceptuele en minimalistische kunst geworteld is. Het werk is, om met curator Dirk D’herde  in een fraai staaltje Vlaamse kunstkritisch jargon te spreken “geconceptualiseerd als onderzoek dat objectieve data en statistische relaties binnen de culturele productie, distributie en uitwisseling in visuele vorm wil omzetten”. In de eerste periode is het hard-core conceptualisme, onder invloed van de uit de VS overwaaiende ideeën over het werken op basis van ideeën op minimalistische wijze. Later worden de gegevens in schilderkunst en sculpturen omgezet. In die schilderkunst is geen sprake van esthetische keuzes, maar het werk bepaalt de kleuren en vormen waarin het wordt uitgevoerd. Het werk is dan meer op feiten en gegevens uit de werkelijkheid gebaseerd, mede onder invloed van de hogelijk bewonderde Franse schrijver Georges Perec. Die feiten worden dan ook meer uit de wetenschappen geplukt waarbij bijvoorbeeld de Fibonaccireeks of het idee van de gulden snede regelmatig terug komen. De werken ogen als geometrisch-abstracte schilderijen, maar hebben eerder een aan systeemdenken en statistiek grenzende aard. Het werk intrigeert me door een consequent doorgezette en zich logisch voortzettende zoektocht waarbij “mooi” werk zich toch ook onopvallend in stugge methodiek nestelt.
Bij deze een indruk van een erg interessante tentoonstelling:

Cuvelier maakt ook graag boeken zoals hier met vormen uit zijn woonhuis, wanden, vloeren etc.

Dergelijke vormen worden dan in een vloerwerk vertaald wat hier erg mooi uitwerkt, maar ook andere vormen en formaten kan krijgen.

Twee latere sculpturen uit 1997

Een mooi groot werk met eitempera op basis van een stug volgehouden systeem

De atlas van de wereld – 1979 -1983 bij Orez Mobiel in 1983

Een serie paneeltjes waarin een door de kunstenaar bepaalde ontwikkeling de basis is

Op tafel ook 3D werk en ronde paneeltjes

Ook dit is later en waarschijnlijk op architectuur gebaseerd werk

Dit doek is op basis van een kalender geschilderd, doet me sterk aan het werk van Willem Besselink denken.

Canal de la Marne à la Saône -2000, de naambordjes van de sluizen onderweg bij elkaar.

En dit is het kanaal met de sluizen op een kaart

De namen van mede-exposanten in een tentoonstlling op verschillende wijzen verwerkt

Statistic Project VII, Five philosophical questions – 1973 De antwoorden op de vragen van zeven vrienden in een tekening verwerkt.

Parts Project

The limits of borderliness marginality margins and peripheries

23 december 2019

Zoals u uit de titel kunt opmaken gaat de huidige tentoonstelling van Jan van den Dobbelsteen over oneindige marges en buitengebieden. Dat lijkt een mooi thema voor een kunstenaar en tekenend voor houding van de calculerende burger van de 21e eeuw. Niet dat er per sé een verband bestaat, maar laten we het beschouwen als parallelle attitudes in verschillende universums. In het geval van de kunstenaar gaat het om het verwerven van een zekere vrijheid wat bij deze kunstenaar bepaald goed is gelukt. Van den Dobbelsteen is al een wat oudere kunstenaar, maar hij gedraagt zich als een jonge hond: diverse disciplines worden gebruikt, schilderkunst, geluid, video en ruimtelijke installaties waarmee hij onbekende wegen bewandelt: de tentoonstelling is een grote installatie samengesteld uit diverse elementen waarin ook allerlei ouder werk kan worden herkend. De fundamentele, ooit in de schilderkunst onderzochte aanpak die een van zijn uitgangspunten is, herken je in het gebruik van de ruimte en op een plek ook in de accentuering daarvan. Inhoudelijk geeft de installatie de positie van de kunstenaar weer “in medias res”: te midden van de zaken waar hij mee bezig is. Het suggereert een moment in een doorgaand organisch proces, een houding waarin ik me ook goed kan herkennen. Het maakt van deze tentoonstelling een speelse zoektocht naar de stappen die de kunstenaar hier maakt in zijn zoektocht naar nieuwe zaken.

Het buigzame – 2018
De opstanding – 1992
Geluidsdragers worden afgespeeld
Houten raster horizontaal – 1990
Houten raster vertikaal – 1993
achter: “Muurschildering” 1993 – 2019
met daarop “Depiction 2. ML” – 2019
Zaaloverzicht
Leestafel met daarachter “Horizontaal – Vertikaal” – 2018
The limits of borderliness marginality margins and peripheries
Organic Origami – 1985 – 2019
On the way out: “Black Mirror White House” – 2015

Parts Project

Rosy-Fingered Data

9 september 2019

Van Jouke Kleerebezem’s werk heb ik nooit iets begrepen. Hij was nogal eens te zien in het HCAK, maar de teksten die hij publiceerde waren niet te volgen en beeldend heb ik het totaal verdrongen. Not my cup of tea eerlijk gezegd. Hij was wel een van de eerste kunstenaars die de mogelijkheden zag van het internet (reeds in 1993 was hij daarmee actief) en dat spreekt in zijn voordeel. Het duurde een tijd voordat dat gemeengoed werd, maar zelfs toen ik zelf begon in te loggen had ik niet veel met zijn werk.
Op dit moment is er een tentoonstelling van nieuw werk in de galerie Parts Project in Den Haag. Kleerebezem kreeg twee maanden de tijd om de galerie als residency te gebruiken en werkte daar aan nieuw werk. Dat nieuwe werk is opeens heel levendig en verrassend materieel. Door de mogelijkheden van de I-pad te combineren met verf en doek of druktechnieken heeft hij een tentoonstelling in grijzen en lichte kleuren  gemaakt met primaire bewegingen op doek en papier. In de zoals gebruikelijk begeleidende publicatie staat een dialoog tussen een hypothetische vorm van artificiele intelligentie en Kleerebezem zelf waarbij de eerste de kunstenaar ondervraagt. Hieruit blijkt dat kunst gemaakt in de privé-ruimte en de publieke ruimte waar kunst gepresenteerd wordt in een ruimte samen komen: de galerie, die eerst als atelier wordt gebruikt en vervolgens als galerie: een spannend gegeven, net als het spel met digitale en materiele streken en structuren. Ik heb met veel plezier in de tentoonstelling rondgelopen en dat zegt ook iets over mij!

Links: Repetition saved the artist- 2019

Schetsen in een vitrine

idem

Tabletop Cache-misère – 2019

Enhanced Cache-misère – 2019

De de her en der aangebrachte spiegels met inspiratieteksten betrekken de kijker bij het getoonde

Deze titel ben ik kwijt, wel 2019

In de ruimte hangen twee grote collages met prints uit de I-pad

Contraption section – 2019

Ook deze weet ik niet meer

Parts Project

 

Your Truth, inspiration and nostalgia

10 mei 2019

Bij Parts Project in Den Haag is op dit moment een tentoonstelling te zien over verwerking waarin twee kunstenaars uit het voormalige Joegoslavië  laten zien hoe ze met het recente verleden van dit gebied om gaan. De een, Sašja Tkačenko, lijkt zich in een vorm van escapisme te verliezen door het verleden te verheerlijken en het heden in een vorm van globalisme te vieren. De tweede kunstenaar, Vladimir Milodinović laat juist zien wat er gebeurd is met suggestieve tekeningen van “schuldige plekken” zoals dat hier in Nederland heet. Dit werk is gebaseerd op documentatie van het Joegslavië-tribunaal in Den Haag wat door de nummering die in de tekeningen is aangebracht kil gesuggereerd wordt. Ander werk van Milodinović toont hoe de pers met de feiten omgaat door die te verdraaien en bij te stellen. In minitieuze tekeningen kopieert hij de voorpagina’s van kranten en laat ze ingelijst als kunstwerk zien.
Silvia Bakker, die deze tentoonstelling cureerde, lijkt na het sluiten van haar galerie Twelve Twelve niet van plan te stoppen. Komend weekeinde opent ook in Antwerpen tijdens het Ballroom Project een tentoonstelling onder de naam van haar galerie. Zij vraagt zich hier af of het de taak is van kunstenaars om zich met maatschappelijke en sociale problemen bezig te houden en zo ja, hoe dat dan zou kunnen. Eerder toonde zij het geëngageerde werk van Peter Koole en het lijkt of zij daar een antwoord op heeft. In deze wat interressante tentoonstelling worden in ieder geval interessante vragen gesteld.

Sašja Tkačenko: I’m like you – 2018 De tekst in dit werk luidt:”I’m a Berliner, he told me in Russian. I feel good here. But now I go back to Mongolia every summer. I am like you. If I go there I feel like a tourist and if I stay here I feel like a tourist. You know how I get out of this? I fly Berlin Ulan Bator on Air France. They have the best champagne”.

Vladimir Milodinović: Kleine Zeitungen

Vladimir Milodinović: Kleine Zeitung 17 August 1992 – 2015

De krantentekeningen van Vladimir Milodinović zijn dan ook weer uitgegeven als krant.

Vladimir Milodinović: Disturbed Soil

Vladimir Milodinović: Disturbed Soil

Sašja Tkačenko, in deze video gaat een skater door de ruimtes van een oud modernistisch gebouw, naar ik aanneem uit de tijd van Milosevic. De onbezorgde manier waarop hij door het gebouw beweegt en zijn trucs uitvoert doen denken aan de manier waarop bijvoorbeeld een vlieg zich beweegt: het werkt erg relativerend.

Sašja Tkačenko: Eternal Flame -2018 Het is een maquette van een monument dat ooit is gepland tot meerdere eer en glorie van de Joegoslavische communistische heilstaat en nooit werd uitgevoerd. De eeuwige vlam is duidelijk eindig. Het geeft aan het werk van Tkačenko ook wel een heel ironisch kantje waardoor misschien ook zo’n romantische zonsondergang daarachter in een ander licht zou moeten worden gezien.

Sašja Tkačenko: It’s twenty seonds ‘till the last call – 2016

Sašja TkačenkoAm I gonna do this alone? – 2018

Vladimir Milodinović: Disturbed Soil

Parts Project

 

ANTHROPOCOSMOS

29 maart 2019

PARTS Project stuurde vorige week nog een bericht rond waarin stond dat de tentoonstelling met werk van de Roemeense kunstenaar Paul Neagu werd verlengd. Ik was nog niet in de gelegenheid die te bezoeken en besloot alsnog te gaan kijken. Kijken is eigenlijk niet genoeg in het geval van Neagu, want hij propageerde een kunst waarmee alle zintuigen zouden worden aangesproken. In 1969 publiceerde de kunstenaar zijn Palpable Art manifesto (Manifest over tastbare kunst) waarin hij puur visuele kunst “gedegenereerd, gedegradeerd en overbodig” noemde. In zijn tentoonstelling “Art in a Dark Room” in Edinburgh waarin hij dit manifesto publiceerde waren alle muren zwart geschilderd. Luidsprekers lieten abstracte geluiden horen en van de plafonds hingen dozen: bezoekers werden uitgenodigd te voelen, ze te openen en ermee te spelen. In zijn eerste Londonse tentoonstelling hing een zware, zoete geur die veroorzaakt werd door zijn “Cakeman”, een sculptuur, opgebouwd uit wafels die samengehouden werden door slagroom. Deze sculptuur werd uitgedeeld aan bezoekers waarvan ieder een gedeelte met een persoonlijke opmerking ontving. Ze werden uitgenodigd het stuk ter plekke te nuttigen.
Een interessante kunstenaar dus die aansloot bij de praktijk van andere interessante conceptuele kunstenaars. Na zich in Engeland te hebben gevestigd zou hij ook aan diverse gerenommeerde Engelse instituten les geven en een belangrijke invloed hebben op hedendaagse kunstenaars als Anthony Gormley, Anish Kapoor en Rachel Whiteread.
De tentoonstelling bij PARTS Project is de moeite waard en sommige werken vind ik uitgesproken goed. Het interdisciplinaire karakter is indrukwekkend: begonnen als schilder is hij al snel met collage-achtig werk en sculptuur bezig en zodra zijn manifest uit is zijn ook zijn performances bijzonder sterk. De band met YBA is overduidelijk en het is dan ook terecht dat deze kunstenaar aandacht krijgt. Bij deze een indruk:

 

Straat performance: Collecting Merits – Street perfromance Bucharest – 1968

Actie die waarschijnlijk een voorloper is van “Cakeman”

Anthropocosmos (Open Sky) – 1995 – 2000

Performance: Gradually goïng Tornado – 1974

Gradually goïng Tornado – 1974

“Ramp”, een performance die op diverse locaties werd uitgevoerd.

Invloeden van traditionele ambachten zijn ook terug te herkennen, zoals in dit schilderij

The Man – 100 Cells – 1969

Human – 54 cells – 1972

Impulse and Vector – undated

Plato’s Monk (The Palpable Cakeman) – 1970 – 2002

Anthropocosmos within Hyphen – 1978

Je zou zeggen Richard Deacon, maar het is echt Paul Neagu: Wall Hyphen – 1983 – 1984

Human hands, human feet – 1972

The Cake Man – 1972

Vlnr: Full Moon Hyphen, Arguments Hyphen, Orange Deck, resp: 1988, 1975-1980, 1985

Full Moon Hyphen – 1984

Parts Project

The Future is Female

10 juni 2018

Vrijdag gemist , maar gelukkig duurt Holaa! het hele weekeinde: The Future is Female, de tentoonstelling die Francis Boeske samenstelde met vrouwelijke kunstenaars. Twan Janssen schreef er een aantal persoonlijke teksten bij die de tentoonstelling een literair kantje geven. Niet in het minst, omdat de gebruikelijke academische bla bla ontbreekt en de teksten voor een aanzienlijk deel ook het beeld van de tentoonstelling vormen. Tegelijk wordt ook getoond hoe een kunstwerk door het publiek wordt verwerkt. Bij het lezen van deze associatieve teksten merk ik dat de werken gepersonaliseerd worden, voor Janssen, maar ook voor mij: zijn sensaties vermengen zich met die van mij en dit proces versterkt in een aantal gevallen het werk. Het maakt het geheel evengoed een Twan Janssen-tentoonstelling als een tentoonstelling van vrouwelijke kunstenaars.

Annemarie van Splunter: A Day Such As This – 2012
Een video van 21 kinderen die hun gordijn open doen

Rose Wylie: mooie uitvergrotingen uit het dagelijks leven

Lily van der Stokker, de koningin van het terloops geziene of gezegd zijnde.

Sister Coretta Kent, zeefdrukken met politieke en sociale onderwerpen.

Aase Seidler Gernes die zich voor haar echtgenoot opofferde maar
vanuit het werken met textiel tot een eigen beeldtaal kwam.

Katharina Grosse, nu eens met een bescheiden vlag die trots midden
in de tentoonstelling staat.

Karin Sander: Zij stuurt maagdelijk witte doeken de wereld in
en ziet wel wat er mee gebeurt.

Rosemarie Trockel, deze affiches hingen in Wenen op straat: gemaakte schoonheid,
is dat wel schoonheid?

En ook deze is van haar, een lijst met sterke vrouwen met een
elektrisch plaatje er op.

Yael Davids Koreaans schaaltje dat gerepareerd is, daar zit ook schoonheid in, in het getekende!

En tegelijkertijd: wat kost dat? Een prijslijst, geborduurd met de eigen
haren van Davids, suggereert de prijs die de kunstenaar betaalt
en de kosten koper.

Roos van Haaften: Gleaming Catastrophies, zorgvuldig bijeengebrachte
terloopse elementen die samen enorme rampen moeten verbeelden.
De terloopse composities krijgen door de spots een waarde.

Parts Project

Personal Pop

19 februari 2018

Parts Project opende gisteren ook een tentoonstelling: Personal Pop. Het betreft werk van een vroeg overleden kunstenaar, geboren in Bangla Desh en opgeleid in Oxford, Engeland waarna hij zich in 1998 aanmeldde bij Ateliers. Hij leed aan steeds erger wordende psychische aandoeningen, maar werd al op de Ateliers gezien als een getalenteerde kunstenaar. In deze tentoonstelling is goed te zien waarop dat gebaseerd is. Met zijn achtergrond en geschiedenis blijkt Jahan een wereldburger die zich bewust is van de ontwikkelingen in de kunst, maar ook sociale verhoudingen en een politiek bewustzijn zijn terug te herkennen in zijn werk. Hij wilde de wereld  nieuwe energie geven met een mengsel van sociaal engagement zoals Joseph Beuys dat vertoonde en met middelen uit de Pop-Art zoals Andy Warhol die gebruikte. Het idee van Beuys dat alles in het leven kunst kan zijn is duidelijk terug te herkennen in het werk dat in de tentoonstelling te zien is. Michael Jackson is voor de kunstenaar ook een “Energizer” die regelmatig terug komt in zijn werk zoals in de Pizza-boys, series pizzabezorgers waarin hij ook Michael Jackson in een zelfportret  verwerkt of in het sleutelwerk “Energy Plan for the Western Man Exhausted?” waarin een optelsom van Warhol, Beuys en Jackson tot de Pizzaman leidt. In de tentoonstelling is een lijn te zien die hard wordt afgebroken en die nieuwsgierig maakt naar wat had kunnen volgen. Een erg informatief boekje met teksten van Dominique van den Boogerd en Judith de Bruin begeleidt de tentoonstelling. Het is goed dat deze interessante tentoonstelling plaats vindt, ook al om te zien hoe voortgeborduurd wordt op de ideeën van Joseph en Andy Warhol.
Sjah Jahan overleed in 2015.

Jahan maakte schilderijen van vrienden en familie door projecties van foto’s met potlood te tekenen en vervolgens de ontstane vlakjes in te vullen. De schetsen werden ook tentoongesteld wat een spookachtig effect geeft.

Collagetechnieken werden steeds toegepast

Wandje met divers werk waaronder linksonder een ontwerp voor een “businesscard”.

Herhaling en de tegenstelling tussen dynamiek en een statisch beeld worden onderzocht

De druk bezochte opening liet vele bekende gezichten uit de kunstwereld zien

Politiek werk uit de laatste periode

Op de achtergrond twee Pizzaboys op “arme” materialen en voor een tafel met divers werk

Waaronder “Energy Plan for the Western Man Exhausted?” met o.a. het boek “From A to B and Back Again” van Andy Warhol

Nog een collage-achtig portret

Een Duo-painting: beelden uit de populaire cultuur gecombineerd met een tekening van een groepsfoto uit zijn persoonlijke omgeving. Het linker paneel is dan volgens Jahan een gesloten afbeelding en het rechter een open beeld, vergelijkbaar met een infrarood opname.

Hoe die tekeningen dan werken kunt u hier zien.

De recentere werken geven aan hoe het verder zou kunnen gaan zoals hier in Block 1 and Block 2

Of in “James Joyce for an Equilibrium for an Equilibrium” uit 2015, een schilderij wat me bijzonder aanspreekt.

Parts Project

En nog verder de diepte in met Villa La Repubblica