Collateral Beauty

30 november 2019

Robert Broekhuis vroeg me of ik zijn tentoonstelling bij de Haagse Kunstkring wilde openen. Bij deze de tekst die ik uitsprak en een klein verslag:

Bij de opening van de tentoonstelling “Collateral Beauty” van Robert Broekhuis

Welkom bij deze tentoonstelling. Tot mijn verrassing werd ik door Robert Broekhuis gevraagd de tentoonstelling te openen die u hier om u heen kunt zien. Ik heb Robert al een tijd niet gezien nadat ik veel met hem gecommuniceerd heb in de functie waarin ik hem heb leren kennen: als hoofdredacteur van het kunstenaarsmagazine De Nieuwe dat door de Amsterdamse kunstenaarssociëteit Arti et Amicitiae werd uitgegeven. Ik weet niet meer wat de aanleiding was voor hem om met mij te werken, maar hij vond het in ieder geval interessant om een netwerk van “correspondenten” te ontwikkelen waardoor het blad landelijke relevantie zou krijgen. Een tactiek waarmee overigens ook het Haagse kunstblog Jegens&Tevens nu begint te groeien. Ik zou dan de Haagse correspondent zijn.

Blogger was ik al en in die hoedanigheid schreef ik al veel over kunst, maar Robert heeft mij echt gestimuleerd verder te gaan met schrijven en het op papier, bij De Nieuwe, te publiceren en ik ben hem daar erg dankbaar voor. Op mijn site kunt u overigens zien wat ik voor het blad geschreven heb over kunstenaars die mij aanspreken en over initiatieven waarmee ik verbonden ben.

Dat Robert ook beeldend kunstenaar is dat wist ik wel, maar bij het bekijken van zijn site zag ik dat hij zich ook met theater, dans en televisie heeft bemoeid. Dat zijn, op televisie na, ook werelden die ik zelf heb ervaren en bij bestudering van het werk van Robert herken ik de invloed van die disciplines.
In de afgelopen week was ik even bij het inrichten van de tentoonstelling om het werk  in het echt te zien en wat me daar erg aan beviel was de houding waarmee het werk klaarblijkelijk gemaakt is. Op de academie wordt soms gezegd: “je moet het toeval accepteren” bij het maken van een kunstwerk en ik heb de indruk dat Robert dat met overgave doet. Hij vertelde me dat hij de Shadow-Works, die u daar aan de wand kunt zien, gemaakt heeft door te eerst te spelen met een stuk hout dat al een hele tijd op de vloer lag. Door het een vorm te geven en met teer in te smeren, aan de wand te hangen en te zien wat het veranderende daglicht er mee doet is het een werk geworden. Deze zwarte werken zijn al schaduwen op de muur, maar door het zwart als het ware te verbinden worden ze licht en werpen ze alleen nog schaduwen op de muur: een fascinerend proces!

Shadow Works – 2019
Shadow Works (detail) – 2019
Shadow Works (detail) – 2019

Dat brengt me ook direct op zijn materiaalgebruik. Dat is van een fijn zinnelijk karakter, waarbij de blokvormen die steeds terug komen een mooi contrast vormen. Bij hem blijft materiaal ook als materiaal aanwezig, naast wat met dat materiaal gezegd wordt. In het werk Saudade zit bijvoorbeeld een bepaalde weemoed die veroorzaakt wordt door een combinatie van natuurlijke materialen met monochrome blokken waarover een licht briesje blaast. Onderdelen bewegen daardoor licht, als bevond het werk zich niet aan de wand in Den Haag, maar aan een terras aan de Douro in Porto.

Saudade- 2019
Blue Line – 2019
The laws of Isaac Newton – 2019


Licht is ook een materiaal, het zet zich af als contrast met de stille taferelen in de Black Boxes of vanuit het hart van een baksteen. Misschien is licht in letterlijke en figuurlijke zin verantwoordelijk voor de “Collateral Beauty” uit de titel. Maar misschien staat die titel ook voor de schoonheid die de kunstenaar uit voorwerpen kan halen die hij al jaren om zich heen verzameld en waartussen hij rommelt, rotzooit en treuzelt en waarin hij uiteindelijk vindt.
Robert vertelde me dat hij als kind van vijf jaar het bed moest houden en toen een teken en schilder set van zijn vader kreeg. Vanaf toen is hij gegrepen door het maken van kunst en het spelen met materiaal. Dat spelen is hij nog steeds niet verleerd zoals u hier kunt zien!

Black Box – 2019
Black Box – 2019
Black Box – 2019
Music & Space2 & 3 – 2019
met muziek er in!
Music & Space – # 5
2 bricks – 2019

De Haagse Kunstkring

negen10drie&7tig

23 november 2019

Bij Ruimtevaart opende vrijdag een tentoonstelling met werk van op zijn minst voor de helft bekende gezichten in de Haagse kunstwereld. Het zijn er vier uit de jaargang 1973 van de Vrije Academie, een instituut wat destijds een veel levendiger gezicht toonde dan de erg traditionele KABK . Zij zijn elk hun eigen weg gegaan, maar komen elkaar nog met regelmaat tegen. Het idee om een tentoonstelling te maken met recent werk vond weerklank in Ruimtevaart en we zien nu van drie kunstenaars recent werk en een ouder werk: Nies Vooijs, Pim Piët en Jan de Weerd. De vierde deelnemer, Marion van Rooij, overleed kort voor de opening van de expositie. De familie wilde niet dat werk van haar getoond werd, maar de exposanten hebben een manier gevonden om haar toch enigszins aanwezig te laten zijn.
Te zien is dus sterk werk van actieve kunstenaars van een bepaalde leeftijd die zich in de loop van de tijd steeds hebben door ontwikkeld. Nies Vooijs laat regelmatig schilderijen zien. In haar verbeelding van gewone dagelijkse onderwerpen of omgevingsdetails is verf belangrijker dan het onderwerp: in stevige streken en contrasterende kleuren worden licht vervreemdende doeken geschilderd. Bij Pim Piët is het beeld rustiger. De kleuren zijn zachter en de vormen zijn strak. Zijn onderwerpen zijn taal, geluid en de invloeden die hij onderging. Hij bewondert fundamentele en conceptuele kunst en dat is te zien in zijn sterke schilderijen.
Jan de Weerd is recent wat minder in beeld geweest, maar hij was eerder dit jaar al in West-End Gallery te zien geweest en laat nu ook weer twee nieuwe verzamelingen zien van gebruiksvoorwerpen die in series op de wand zijn gehangen. De formele eigenschappen van die voorwerpen, kleur, vorm en de variatie in die elementen vormen de interessante eigenschappen van het werk. De aard van de voorwerpen brengt een glimlach te weeg.
Zo is deze tentoonstelling een blijk van de kracht van de zich door-ontwikkelende kunstenaar waar sommige jongere kunstenaars nog wat van kunnen leren!

Ruimtevaart

De maatschappelijke ladder

22 november 2019

Vandaag werd de Ouborg-prijs 2019 uitgereikt aan Jeroen Eisenga, een videokunstenaar die recent met een grote tentoonstelling in de Elektriciteitsfabriek in Den Haag indruk maakte. Die tentoonstelling is helaas totaal langs me heen gegaan en zeker nu ik de catalogus gezien heb en de video’s die in het voormalige Gemeentemuseum getoond worden zag denk ik dat het een terechte kandidaat is voor die prijs. Van de video’s die nu vertoond worden, allen uit de negentiger jaren, kende ik alleen “40-44-PG” uit 1993 en verder heb ik natuurlijk de bijenfilm ooit gezien. De kunstenaar maakt het zich niet gemakkelijk en neemt risico’s in projecten die in een langdurig proces vervaardigd worden. De kijker zit er toch altijd met samen geknepen billen naar te kijken door een ongemak dat steeds op een andere manier terug komt. De tijd was nu beperkt, maar ik ga zeker nog een keer kijken naar de video’s.

Arno van Roosmalen, voorzitter van de prijs, merkte in zijn laudatio overigens terecht op dat er nog maar twee vrouwen deze prijs hebben gehad en dat de samenstelling van de commissie daar mede debet aan moet zijn geweest in de loop van de tijd: die commissies bestaan voornamelijk uit mannen. Hij stelde dus ter plekke voor de volgende Ouborg prijs zijn positie als voorzitter van de commissie ter beschikking aan een vrouw! Waarlijk een mooi gebaar (als dat formeel kan, want het moet ook de directeur van STROOM zijn).
Bij deze een kleine indruk van het gebeuren:

De kunstenaar met zijn gezin
En de prijswinnaar sprak zelf ook nog enige woorden
Zaaloverzicht van de direct naast elkaar getoonde vijf video’s
De maatschappelijke ladder
40-44-PG
Storyboard
Het belangrijkste moment van mijn leven – 1995
En de daarbij gebruikte camera…

K Museum

7 Year old me_

21 november 2019

Bij Nest is vorige week de tentoonstelling 7 year old me geopend met werk van Wim T. Schippers en Daniël van Straalen. De eerste is genoegzaam bekend door zijn werk in de klassieke media en zijn werk als Fluxuskunstenaar. Daniël van Straalen maakte na zijn studie aan de KABK (lichting 2012) en het Sandberg snel carrière in het Amsterdamse. Twee verschillende generaties dus die een ding in ieder geval gemeen hebben: ze zijn beiden ooit zeven jaar oud geweest. Nogal een plattitude waaruit niets af te leiden is dan een gezamenlijke voorkeur voor dergelijke schijnbaar onzinnige zaken. Daarnaast wordt met dit gegeven een attitude getekend die ze beiden als kunstenaar belangrijk vinden: onbevangenheid, als die van een kind van zeven.
Te zien zijn oudere werken van Schippers en redelijk recent werk van van Straalen. De laatste is hier en daar nogal formalistisch bezig. Er is mineraal verwerkt in sommigen van zijn werken, sculpturen en installaties. Er wordt gewerkt met tegenstrijdige materiaaluitdrukkingen (zoals een schilderij dat tapijt lijkt of een radiator van marmer), maar de onbevangenheid van Schippers is alleen misschien in zijn cacteeën te vinden.
Van Schippers zien we klassiekers, zoals de zoutkamer of Jacques Plafond waaraan velen goede herinneringen bewaren. Daarnaast een aantal assemblages die perfect passen binnen de mediawereld die Schippers gecreëerd heeft. Het is fijn om dat werk terug te zien, maar het ontregelende effect ervaar ik zelf alleen nog maar in het geluid van de video van Jacques Plafond en Henk Pal. De laatste barst regelmatig in geschater uit terwijl Wim T. Schippers als Jacques Plafond daar onaangedaan naast zit.

Henk Pal en Jacques Plafond – 1987
Wim T. Schippers: Zoutkamer – 1962 – 2019
Daniël van Straalen: 7 Year old me – 2019
Daniël van Straalen: I miss u – 2019
Een werk van naar ik aanneem Daniël van Straalen waarachter Henk Pal schatert
Wim T. Schippers: Langando – 2016
Sculptuur: Wim T. Schippers – Obligo – 1973 – 2016 en links voor: Rouwgebak – 1961
Daniël van Straalen: Untitled – 2016-2019
All over the place – Daniël van Straalen: Vibes don’t lie – 2019
Voor – Daniël van Straalen: Spirit Plant – 2019
achter vlnr: Wim T. Schippers: The Birds 1962 – 2005 en This side up – 2015
Wim T. Schipers: Landscape with pear – 2016
Zaaloverzicht

Nest

RUW

8 november 2019

Vandaag vond de presentatie plaats van een nieuwe RUW, een magazine dat bestaat uit samen geniete edities van een aantal kunstenaars. Oorspronkelijk werd dit geheel in Berlijn uitgegeven door Hans Könings, maar sinds kort woont de kunstenaar weer in Den Haag en zijn er Berlijnse en Haagse versies van het blad. Dit nummer is een fotografie special, de deelnemende kunstenaars hebben allen een fotoafdruk bijgedragen.
De presentatie vond plaats in galerie Westend, de expositieruimte in de Spanjaardshof in Den Haag. Zoals te doen gebruikelijk worden de bijdragen getoond, in dit geval in uitvergrote vorm, en daarbij worden ook andere werken van de deelnemende kunstenaars geëxposeerd.

In een vitrine zijn alle bijdragen te zien
Aan de wand hangen werken van de diverse deelnemers, in dit geval een schilderij van Marian Wijnvoord uit Berlijn
Angeline Dekker uit Den Haag
De initiator van het gebeuren, Hans Könings maakte deze foto vol associaties voor het magazine: Der Reiter
En Marian Wijnvoord deze prent: Light reflecting on “Landscape with a traveler”van Jacob van Ruisdael uit 1650
Saskia Tannemaat: The last Repose
Hans Könings: Z.T.
De overal aanwezige Jesse Rahman heeft de dames aan zijn lippen
Thom Vink: Jeju Caves – 2016
Angeline Dekker: Plaetmanstraat ter hoogte van Beers
André Smits: “Op 14 juni 2016 maakte ik voor ARTIST IN THE WORLD een foto van Robert Frank waarop te zien is dat hij met een teder gebaar de knie van zijn Chinese assistente aanraakte. Op 17 oktober 2016 reageerde June Leaf (sinds 1971 getrouwd met Robert) op deze foto: “Now it’s my turn””
Jessy Rahman: Kobus en Agnietje in Bursa!
Jesse Rahman
En zo ziet het magazine er dan uit!
Na een korte introductie door Angeline Dekker..
opent Hans Könings oude vriend Geert Schriever de tentoonstelling met het spelen van “Life during Wartime” van de Talking Heads, refererend aan de jaren die de twee hebben doorgebracht in New York. Vervolgens volgt een enthousiast verhaal waarna hij de tentoonstelling opent

RUW

Rob van Koningsbruggen, schilderijen 2003 – 2019

7 november 2019

Vandaag opende in het voormalige Gemeentemuseum de solotentoonstelling van Rob van Koningsbruggen, een controversieel kunstenaar, die in de schilderkunst bekend werd met zijn radicale standpunten. Bekend werd hij met minimalistische tekeningen en breiwerkjes waarna hij zich op fundamentele wijze met de schilderkunst ging bezig houden. Dat deed hij zo fundamenteel dat hij op een bepaald moment twee doeken met verf over elkaar schoof en het resultaat presenteerde. Nederland lustte wel pap van dat werk en de kunstenaar bevond zich dus jarenlang in de top van de nationale kunstwereld. Na diverse tentoonstellingen kreeg hij van Wim van Krimpen zijn grote overzichtstentoonstelling in Den Haag waar hij aan de KABK was begonnen en bij Orez Mobiel voor het eerst exposeerde.
Nu dus een overzicht van recent werk gemengd met oudere stukken. Na de schuifschilderijen begon van Koningsbruggen meer onderzoek te doen naar kleur. Met eenvoudige vormen schilderde hij abstracte doeken die kleurig en erg sterk zijn. Daarvan is in deze tentoonstelling ook veel te zien, eigenlijk kan je in al het getoonde werk de onderzoekende geest van de schilder goed herkennen. Deze tentoonstelling is dan ook een enorme krachtig beeld van een wil tot schilderen. De kunstenaar kwam er niet altijd uit, hij had zijn zwakke periodes, maar in deze tentoonstelling is steeds een krachtig kleurig beeld te zien wat het geheel tot een toonbeeld van schilderkunst en levenslust maakt, zeer de moeite waard om te bezoeken!

KM